Globe Aroma: het vervolg

De politie-inval bij Globe Aroma schokte velen binnen én buiten de culturele sector. Ondertussen diende oKo samen met Globe Aroma klacht in bij Comité P. Het incident kwam ook aan bod in het parlement. 

De culturele sector liet massaal van zich horen na de politieactie bij Globe Aroma, onder meer via de media en tijdens een solidariteitsactie aan het Kaaitheater. Ook oKo nam een standpunt in, dat opgepikt werd door de pers en in samenwerking met het Brussels Kunstenoverleg verder werd verspreid in het Nederlands en het Frans, onder meer door de VVC. Achter de schermen gingen we op zoek naar geschikte juridische bijstand voor Globe Aroma, regelden een trauma-therapeut voor het personeel en de vrijwilligers die op 9 februari aanwezig waren en legden we samen met Globe Aroma een klacht neer bij Comité P, het orgaan dat toezicht houdt op de politiediensten. OKo bracht de inval ook ter sprake tijdens het onderhoud op het kabinet en bij CJM op 21 februari.

Transparant en proportioneel

Ook heel wat parlementairen stelden zich vragen bij de gang van zaken. Op 22 februari kwam de kwestie aan bod in de commissie cultuur. Minister Gatz beantwoordde er meerdere parlementaire vragen en stelde duidelijk dat vzw-controles moeten kunnen, maar dat ze op transparante en proportionele manier moeten gebeuren. Die principes lijken hem in het geval van Globe Aroma geschonden. Hij plant bovendien een onderhoud met zijn federale collega Jambon om te bespreken hoe legitiem de actie is uitgevoerd. Waren de agenten gerechtigd om alle bezoekers te controleren? Mocht er een lijst opgevraagd worden met alle contactgegevens van de vrijwilligers?

Noodzakelijk voor integratie

Alle aanwezige parlementairen waren het erover eens dat culturele organisaties een sleutelrol spelen bij de integratie van nieuwkomers en dat Globe Aroma wat dat betreft voorbeeldig werk levert. Noch de minister, noch de vertegenwoordigers van andere fracties, wilden de oproep die de minister enkele jaren geleden daartoe deed dus in vraag stellen. En nog belangrijk: niemand is voorstander van het idee dat culturele organisaties zelf de papieren moeten gaan controleren van hun publiek. Enkel over de vraag of culturele organisaties ‘safe havens’ moeten zijn liepen de meningen uit elkaar. De minister is er alvast geen voorstander van.